zondag 1 november 2026

Goden

Goden


1.
Poseidon slaat geërgerd met zijn staart
op het water. Gladde godinnen dansen
in steeds wijdere kringen om hem heen.

2.
En Hera, als een varken op haar sponde,
speelt met haar driedubbele kralensnoer
en fantaseert dat ze vooroverbuigt

en een wrede speer omdraait in de buik
van een tegenspartelende krijger.

3.
Hoog in de bergen intussen, bij de maan,
dwaalt Artemis. Haar witte honden hijgen
om haar benen, likken onbeschaamd
haar kleine, lakrode geslachtsorgaan.

Delos

Overdag leer je in
een stoffig leslokaal de verbuigingen
en vervoegingen van het Grieks,

‘s nachts wandel je
naakt over het eiland.
Het ijzig koude maanlicht splijt
je houten romp.

Dit is de heilige straat, de straat
van de leeuwen. Dit is

de bakermat van de goden.

Muren

Tot drie maal toe wist Patroclus de muren
van het heilige Troje te beklimmen,
drie maal werden zijn vingers losgerukt
en werd hij in de regen teruggestoten

en zag hij door zijn tranen hoe er iets
boven hem uittorende, uit brons gegoten.
En de inktzwarte hemel daverde
van het stupide lachen van de goden.

Tweegevecht van Paris en Menelaos

Toen ze besloten om het bij te leggen
en de aanstichters van alles het samen uit
te laten vechten in een tweegevecht,
zodat de overwinnaar het gehate

geslachtsdeel van de ander voor de honden
kon gooien, zoals hij wilde,
werden de goden ongerust. Ze zonden
Athene uit als bode om hun dit

onraadzame voornemen te ontraden.
En met succes. De slachting werd hervat
en opgelucht stroomden de goden toe
en hadden weer tussen de norse strijders

het hun beschoren aandeel in het bloed.


Paean

Knappe boy op de achtergrond, player,
lierspeler, heimelijke schutter, muizenjager!
Phoebus Apollo, heb je je ooit bezonnen
op de gevolgen van je daden? Muzen,

die je verkracht, onteerd, achtergelaten
hebt in de puinhoop van hun kunsten, meisjes,
ritselend in meibomen gedreven,
jongens, geneukt op de w.c.

Uiteindelijk ben je een crimineel,
wonderboy, met je pijlenkoker, klaar
voor elke shortcut naar seksueel genot.

Nergens waar kunst geëerd wordt, en cultuur
meer is dan holle propaganda, sta
je niet in aanzien, toyboy, maar verdomd,

het aanbod van jong vlees is onbeperkt
en je potentie dito, maar je kunt
toch niet steeds blíjven kraaien dat je komt!

Ondertussen op de Helicon

De lyrische muze verschikt iets aan
haar haar en slaat zedig haar uitermate
Angelsaksische benen over elkaar.

Ze fluistert iets tegen haar buurvrouw links,
en alle negen proesten ze het uit.

Ze lijken met hun blonde haar en met
hun lichte, lichte huid, misschien misplaatst
op deze ongastvrije Helicon,

maar ze aanbidden de Helleense zon
al zo ontzettend lang, ze zijn inheems.

Jij bent de buitenstaander, jij bent vreemd.

Toen de stier op haar afkwam

Toen de stier op haar af kwam door
het opspattende water, laag loeiend
tegen het melkwitte water, wie denkt
dat Europa zich niet uit eigen beweging

op zijn rug wierp. En later, toen Io
als witte vaars graasde tussen de kudde,
al die keren die kleine stapjes,
dat kijken, dat draaien! Alles is seksueel,

van mens tot hongerig rund;
de ochtend is seksueel, de avond;
de zon maakt zich seksueel los van de horizon,
zinkt in de zee; bergen wringen zich smachtend

op uit het dal; zelfs onze abstracties
zijn geslachtelijk; onze wiskunde vormt
kokhalzend van wellust figuren. Meisjes
in deurposten, giechelend, wenkend.

Haar voet

Europa, toen ze op de stier reed die
de oversteek naar Kreta maakte, maar
ze wist niet wat er zou gebeuren en
het was zo overweldigend!

Het onbarmhartig stralen van de zon!
Het schuimen van de zee! Dolfijnen! En
de witte stier, het golven van zijn spieren
terwijl hij zwom! Hij brulde. En weer. En weer.

Ze houdt zijn horens vast en ze geeft mee.
Haar ogen dicht alsof ze slaapt. Ze wacht

op wat er komt. Haar voet sleept in de zee.

Arethousa

Nadat de god haar in de uiterwaarden
verkracht had, stortte ze zich in de zee
en ademde in het bittere water.

En ze werd meegenomen. Duikers die
ze stoorde in hun stille visites aan
de diepte, zagen haar, niet onbewogen,
zagen hoe de stromingen haar bewogen.

En toen ze aankwam op Sicilië
en aan het strand spoelde, brak ze, en baarde
blank bronwater, schaduw, en zoete aarde.

Van de stad kwamen mensen en zwaaiden.

De stad is Syracuse, waar de bron nog steeds wordt getoond: schaduw, groen en eenden. De duikers zijn een dichterlijke vrijheid: verveelvoudiging van Cola Pesce, de miraculeuze duiker uit de Italiaanse folklore. Oek de Jong brengt hem ter sprake in Cirkel in het gras, hoofdstuk VII.


Twaalf

I
Athene heeft zich als een zwaluw in
de spanten van Odysseus’ huis gezet
om toe te kijken bij het doden van
de vrijers. Ook twaalf meisjes, twaalf slavinnen,
die met de vrijers sliepen moeten sterven.

Als lijsters, zegt Homerus, of als duifjes,
op weg naar hun nest in een strik gevlogen –
twaalf kopjes in een strik, en twaalf paar voetjes
spartelen nog wel even maar niet lang.

II
Meisjes die nauwelijks een notie hadden
van wat de wereld van hen wilde.
Slavinnetjes. Hoe konden ze bedenken
dat het een misdaad was om zich te lenen
voor de begeerte van de vrijers! Waren
de vrijers niet de vrijers? En begeerden
ze niet met hen te slapen en was dat
niet net zoals het zijn moest: bevend vlees
dat zich in bevend vlees een weg zoekt, tot
de siddering waarmee het wordt bevrucht…

Moesten ze daarom sterven? Duifjes, lijsters,
op weg naar hun nest in een strik gevlogen –
twaalf kopjes in een strik, en twaalf paar voetjes,
nog even spartelend, maar niet heel lang.

De gehangene

In Greece, the great goddess Artemis herself appears to have been annually hanged in effigy in her sacred grove in Condylea among the Arcadian hills, and there she accordingly went by the name of The Hanged One - J.G. Frazer, The Golden Bough

1.
Ze hebben je er opgehangen, op-
gehangen hebben ze je slanke lichaam,

Je witte voeten vlak boven de grond,
je armen langs je dijen en je hoofd,

je mooie hoofd met de verwarde lokken,
hangt scheef opzij, de tong hangt uit je mond.

2.
En J.G. Frazer op zijn eilandenrijk
waande zich helemaal de koning te rijk
toen de werkelijkheid zich soepel plooide
naar zijn verwachtingen. En niemand wist,
o niemand wist,
waarom de godin niet werd afgekust.

3.
Ook Robert Graves, zo statig, zo sportief
met zijn leren zonnehoed, zo gewiekst
op de paden achter de duinen,

voor de duivel niet bang, behalve voor
zichzelf, pratend en pratend, altijd pratend, als
hij met zijn godin door het duister dwaalde:

alles wist hij van ieder onderwerp,
maar geen idee waar men de bruiden haalde.

4.
Onze bloeddorstigheid, messieurs, hoeft niet 
per se met bloedbaden gestild,

ook ogen die breken en stuiptrekkingen
zijn wel oké en als het slachtoffer

op het moment suprême nog iets aardigs zegt,
is dat iets waar het eer mee in kan leggen.

Maar de godin moest sterven, dat staat vast!
De witte voeten vlak boven de grond,

het mooie hoofd met de verwarde lokken
hangt scheef opzij, de tong hangt uit de mond.

Een van hun goden

Kaváfis, Ενασ θεοσ των

Toen er tegen de avond, over de markt
van Seleukia, een jongeman liep, rijzig, volmaakt mooi,
met donkere geparfumeerde lokken
en zijn blik stralend van onsterfelijkheid,
keken de voorbijgangers hem na
en ze vroegen elkaar wie hij was,
een Syrische Griek misschien? of
ergens anders vandaan? Maar sommigen, die
aandachtiger toekeken, knikten.
Ze stapten opzij, en terwijl hij
verdween onder de arcaden,
in het spel van schaduw en licht van de avond,
op weg naar buurten die alleen
’s nachts tot leven komen in feesten en zuipen,
in roes en schaamteloze wellust,
vroegen ze zich af Wie Hij kon zijn
en op jacht naar wat voor schrikbarend genot,
Die daar de straten van Seleukia afliep,
komend uit Hun vereerde, heilige Huizen.

zaterdag 31 oktober 2026

Le vélo III

 Geen idee

Warren Barguil, Julian Alaphilippe en Thomas de Gendt, 18-07-2018

Als de wind naar boven gereden,
Wawa en Juju en De Gendt,
en weer hals-over-kop naar beneden,
zoals ze in de koers zijn gewend.

Meer dan zes minuten gewonnen,
Wawa en Juju en De Gendt.
Maar gewonnen is zo weer geronnen
wanneer je een wielrenner bent.

Juju was het eerst naar de knoppen,
en De Gendt zag af als een beest,
Wawa kon nog één heuvel toppen,
maar toen was ook hij er geweest.

En langs het parcours, in de kroegen,
het onbehouwen publiek
met biertjes in bekers van plastic,
slappe grappen en koerspathetiek.

Ze reden het snot voor hun ogen,
Wawa en Juju en De Gendt -
en, er is geen woord van gelogen, 
ze reden de stok uit de tent.

Met petjes van Het Nieuwsblad

Omloop 2019, 16.15

Van de parkeerplaats door het bos omhoog,
door dorre bladeren en modder naar
de top van Geraardsbergen. Daar
kijken we argwanend om ons heen.

De VRT is al gearriveerd:
er staren microfoons, met bont gevoerd,
de kant op waar ze de renners verwachten
en de kapel steekt boven alles uit.

Op de met schijnkasseien geplaveide
paden en paadjes klitten jongemannen
die naar elkaar schreeuwen met koude bekken.
Zelfs in dit lieflijk landschap tiert de wrok.

Maar om kwart over vier slaat vier de klok.
Verderop in de verte gaat gejuich
op dat snel nadert. Bier klotst uit de bekers.
De wolken waaien weg. De lucht trekt blauw.

Waar zit de Lampaert? Fel tegen de hekken!
Voor niets schreeuwen ze zich de kelen rauw.

In de Vogezen

Tdf 2019

Terwijl
het licht hun van de schouders spat
rijden ze zó 420 watt.

Anus

Giro d’Italia 2019, etappe 3.

De duomo van Grosseto
in stof gehuld. De renners
voeren hun
strategische steekspelen uit.

Vooraan: een front
van mannen die
elkaar observeren.

Binnen kijken ze om,
ontspannen praten
ze met elkaar in vreemde talen.

Achteraan: zo nu en dan
glipt er een uit
de anus van het peloton.

Doodmoe. Of om bidons te halen.

Corrèze

Tdf 10-9-2020

Zoals een bijenzwerm die aan een tak
hangt, rust, alleen intern een diep gebrom
van concentratie – om de zwerm heen vliegen
wachters, bewakers driftig heen en weer,
verkenners die de omgeving observeren –

zo reed het peloton in de Corrèze,
tussen de hagen en de lage heuvels,
langs de vervallen kerkjes: introvert,
geconcentreerd op longen, hart en spieren
en op de werking van de spijsvertering,

terwijl in de periferie de knechten
komen en gaan en de bidons bevechten.

Vuelta 2021, etappe 8

De onderhandelingen zijn
vertrouwelijk.

Tussen de velden, kaal,
van ieder spoor
van oogst ontdaan,

over de lange, lange,
spierwitte weg
- Roglic, Bernal en Mas -

davert de stompe
kop van het peloton
richting de kust.

Bezinning.
Roglic, Bernal en Mas –
wat kost
vandaag
een overwinning?

Verliezers aan de finish in Canale

Giro 2021 etappe 2

Toeristen zijn het, toeristen
op de smalle wegen van Piemonte.
Veel te veel kletsen, eten, hun
bidons leegdrinken. Beetje regen.
Hesje aan, hesje uit. Ze zijn vergeten
wie er vooruit zijn. Ze duwen en dringen
plichtmatig om plekken die er niet zijn.

Dan komen ze over de laatste heuvel.
Gallopin en Ciccone ingelopen,
voor hen uit staan alle rotondes open,
en straten, goed geasfalteerde, brede,
waar ze, aan hun stuur rukkend en met benen
die als bezeten het verzet rondmalen,
hun laatste fietslengtes afdalen:

Verliezers aan de finish in Canale.

Etappe na een solo gewonnen door Taco van der Hoorn.


Of niet

Kuurne – Brussel – Kuurne 2022

Een wriemelende massa mannen
op de kasseien in de Vlaamse heuvels.
Ze wentelen zich in het koude licht
maar laten niet toe dat er zich

vluchters losmaken. Of allemaal samen
over de meet, voorafgegaan door sprinters
die vloeken en schreeuwen en spugen tegen
de bietenbrug, of allemaal, of niet!

TdF 2022, etappe 13, waaiers

Het peloton was zwak, heel zwak die dag,
bij de minste of geringste tegenslag,
zijwind of stijgingspercentage, zag
je steeds weer, keer op keer, dat de boel brak.

Voorin: grimassen, tanden op elkaar,
razendsnel copulerende pedalen,
maar in de laatste waaier, achteraan,
schreien boze jongens hete tranen.

Ze worden in het veld achtergelaten.


Alpecin-Fenix

1.
Mathieu, met priesterlijke waardigheid,
op zijn zadel gezeten aan de start
van de Amstel Goldrace 2022.

Die wrede mond, gemaakt om half-
gaar lamsvlees te verslinden, lacht meewarig.
Van meegevoel is hij echt niet gespeend,

en ook gemeend, maar in het peloton
en in de kopgroep kent hij geen genade.

2.
De koers is hard. Bij elke uitlooppoging
en elke hergroepering kijken er
cameraogen mee. De renners zitten
tandenknarsend over hun stuur gebogen:

het voelt alsof ze masturberen voor
een wand van spiegels, maar de kleine dood
blijft halverwege steken in hun schoot.

3.
Ook verder verloopt niets zoals gepland.
Mathieu manifesteert zich niet. Zijn vader
(het haar nog steeds rechtop, zo grijs als staal,
al is het dan misschien wat dun geworden
in vergelijking met zijn gloriejaren),

als hij begrijpt dat er vandaag geen eer
valt te behalen, antwoordt niet op vragen,
tot uren en uren na de finale.

TdF 2023, Herhaling

Met een sigaret in de mondhoek
en een gebalde vuist, schreeuwt hij

naar de koplopers. En dan weer naar binnen
in het café, waar hij zijn koffie koud
heeft laten worden en waar op

een kleuren-tv alles wordt herhaald.

Kopgroep

TdF 2025, etappe 3

Applaus in,
applaus uit.

Vanuit de drone

27 juli 2025

Mieren zijn het, mieren
in circuskleuren, over
de straten van Parijs,

bocht om, bocht om,
en als ze strijden
is het waar mieren over strijden
in hun seizoen.

Het onbekende doel.
De korte koorts waarin ze met
hun krachten smijten.

In de regen

Elegie 2025

Fietsen in de regen van de Primavera.
Het gras is groen maar de bomen zwart en kaal
en de renners dragen grijze regenpakken.

Fietsen in de regen, de lente is nog ver,
en de kilometers langdradig onder de wielen,
want wat hebben ze te bespreken?

Wie wil er renner zijn, wie wil er in de regen,
met de kin in de kraag, over de lang-
gerekte industrieterreinen, door druipnatte dorpen,
langs jachthavens en cruiseschepen die
sinds jaar en dg zijn opgelegd, wie wil

er in de regen naar San Remo rijden?

22-03-2025 voor de middag, later klaart het op, de finale is ongeëvenaard.

Omloop 2025

Het bos van duizend takken

Het bos van duizend takken op
de horizon en dunne kerktorens
waaroverheen vals zonlicht glijdt terwijl

het elders regent en de renners
zijn doornat en verkleumd – het peloton
beklimt de einder en daalt dan weer af

naar waar het geometrische landschap
zich weer onverschillig over hen ontfermt.


Zwarte sneeuw

15-08-2026, I.M. Finlay Tarling

De dood rijdt altijd
mee in de koers. De renners,
soms zien ze
een donkere schaduw
tussen de wielen of
er rijdt een wolk voor de zon.

Ze denken: het is de vermoeidheid,
de uitputting, de zwarte sneeuw
die zich gewoonlijk
alleen vertoont aan
het eind van een sprint.
Ze nemen
een winegum.

De dood
rijdt altijd mee in de koers.

TdF Femmes

2026

Langs de pokdalige platanen schuiven
de met reclames volgeklitte dames,

zoete parkieten van de koers, ze druipen
in de mediterrane hitte van

het zweet, en als ze willen praten, slaan
hun stemmen over, o, de dood, de dood,

de arme dood die ze moeten doorstaan!

vrijdag 30 oktober 2026

Le vélo II


Fuggitivi

Giro 2014

Even staan ze op de pedalen,
en kijken wenkbrauwfronsend om zich heen
maar er beweegt zich niets, ze zijn alleen

met zon en wind, het peloton heeft geen
belangstelling. Ze schreeuwen iets, ze schudden
het hoofd, dan buigen ze zich weer

over het stuur, en werken zich gelaten
door een wirwar van verlaten straten.

Wildvreemden 

Op vijftig kilometer voor de finish: 
ze stromen over het ei van een rotonde 
en ze verspreiden zich als een

vlucht kraanvogels tussen de huizen.
Er zijn honderden mensen op de been,
met kranten zwaaiend, en met tasjes eten.

Maar de renners willen er niets van weten.
Ze staren als wildvreemden om zich heen.

Caserta

Wielrenners in een uitgestorven landschap. 
Langs parken en fonteinen. Het paleis

erachter, doet zich ternauwernood open
of ze glippen al glimlachend naar binnen.

Hier zijn ze thuis. De toeclips klikken los,
ze slingeren hun fiets op het parket,

en lopen rond met stijve benen tussen
de rococo-spiegels en tussen het

tot op de draad versleten meubilair.

Hoe, waar, wanneer, met wie

Vlaggen en wimpels boven Yorkshire Moors.
De kijkers staan te schreeuwen en te dringen,
de renners kijken niet, verwikkeld als
ze altijd zijn in hun berekeningen.

Hoe ver nog? En hoe zijn de wegen? Waar
de hellingen, welke categorie?
Het koersboek staat hun nog maar vaag voor ogen.
Is er een aanval mogelijk? Wanneer?

Omgeven door de geur en kleur van het
publiek kijken ze grimmig op hun stuur,
waar hun wattages en hun hartslag en
hun bloeddruk digitaal staan aangegeven.

Waar slapen ze vanavond? En met wie?

Was dat de finish

2015. Wat onder andere verborgen bleef was dat een motard koploper Greg van Avermaet van de weg reed. In 2016 won Bauke Mollema.

Clásica San Sebastián. Je kijkt,
als de verbinding weer verbroken is,
in arren moede naar wat flarden Tour.

Dan is er beeld. De vaste camera
laat de finale zien. De koers loopt met
een sisser af. Je ziet hoe Adam Yates
telefonerend over de meet komt.

Was dat de finish? Hier? Wint hij de koers?
Hoofdschuddend rijdt hij uit. Kort achter hem
de achtervolgers, kwaad over hun stuur
gebogen, grimmig, gefrustreerd, doodmoe.

Gestalten.
Wie?
Wat doet het er nog toe.

Spaans spreekt iedereen

Vuelta a España, 3-9-2017

Spervuur

Een spervuur van bidons en lege blikjes
boven het peloton, en boos geschreeuw
in alle talen, maar voorlopig niemand die
weg weet te sluipen uit deze lawaaiige bende,

weg weet te blijven. De roofvogels bidden
stoïcijns boven de strogele vlakte.

Tekens

Met tientallen staan ze te plassen
op een industrieterrein in Zuid-Spanje:
een duidelijk teken, het peloton
heeft zich erbij neergelegd.

Zwarte engelen aan de horizon.
Een kleine kopgroep, en nog een.
Ze manoeuvreren
tussen cipressen en cipressen,

Granada in, Granada uit. Hoog
op een toren staan mensen te juichen,
te dansen, onzeker, blij dat ze
toch nog gezien zijn.

Geen ijs, geen frites

Trentin, met een handgebaar
jaagt hij een Movistar-renner
weg van het raam
van zijn ploegleiderswagen.

“Geef mij ook, ik heb dorst.”
“De camera kijkt, ik wil drinken.”

Een Movistar-renner bij
de ploegleider van Quickstep.
Geen ijs, geen frites
voor wielrenners. Eerder

won hier Chris Horner
van wie sindsdien nooit meer
iemand heeft gehoord.

Hablan todos español

De renners slalommen door
de straten. De huizen zijn nieuw:
muurtjes en schuurtjes van
keramische baksteen,
overal steigers,
en de kozijnen
staan in de grondverf.

Uilenkasten en bijenlinten en
gevelbegroeiing voor beginners
ontbreken nog even en
het is zondag: de bouwvakkers
werken niet en de straten

zijn leeg. Maar het welvaartspeil
is hoog. En de communicatie
soepel, Spaans spreekt iedereen.

IJskoud

Er hangt geen oog aan
de draadjes bloed die over
zijn wang lopen dus Lawson Craddock,
tongue in cheek,
rijdt achteraan het peloton ijskoud
door tot de finish – waar geen meisjes hem
de mond dicht kussen, geen publiek juicht,

er is zelfs geen helper
met een natte doek,

geen monteur die zijn fiets aanpakt,
die hem steunt als hij

rillend naar de bus loopt.

TdF 2018, etappe 1. Aan de finish verliest Craddock 8.00. Hij moet nog naar het ziekenhuis voor foto’s. Zien we hem morgen terug?
Ja, hij heeft de tour met een gebroken schouderblad – weliswaar als lanterne rouge – uitgereden.
Op 4 september 2019 wordt hij derde in etappe 11 van de Vuelta. Op 3 september 2021 lanceert hij Magnus Cort Nielsen naar de winst in de 20e etappe van de Vuelta.


L’ennui du Tour de France

TdF 2018
Business case


Etappe 4. Diep onder
de spits van de kerk van St. Lyphard
kronkelt het peloton. Valpartijen

met bloedige schaafwonden,
truitjes aan flarden, broeken, fietsen vernield
van pure verveling.

Parijs is nog ver.

Eenzaamheid tussen Fougères en Chartres

Vanuit de helikopter lijken ze
op kevertjes met kakelbonte schilden
die tussen okergele korenvelden
en de percelen hakhout hun weg vinden.

Chartres? Chartres zijn ze allang vergeten.
Terwijl ze gelletjes en repen eten,
weten ze niet eens meer hoe ze heten.

(Zelf waren we in april in Chartres.)

Een ogenblik van onoplettendheid

Plotseling zat hij achter op
het peloton en zelfs dat niet.
De kraaien in het gele veld
vlogen moeizaam omhoog
en klapwiekten lui om hem heen.

Elke pedaalslag is
er een te veel. Elke
ademhaling doet pijn.

Finale

Alles is net als ieder jaar.
De gordijnen gaan dicht en de
kist wordt gesloten. Regenbuien
hullen de straten van Parijs

in dichte sluiers. Rubberlaarzen.
Stoepgoten waar stukken papier
in drijven, als opgaven van
gemiste examens. Zaakwaarnemers

die al met elkaar praten. Autosleutels
die om donkere vingers draaien.
En overal staan renners die
rollen verdelen voor de eerste

criteriums van morgenavond.

Een voorspelling die niet uitkwam. Het was in Parijs in 2018 goed weer.


Le vélo



Koude kersenlippen

TdF 1980, gewonnen door Joop Zoetemelk. De winnaar van de zesde etappe, Lille-Compiègne, was Jean-Louis Gauthier. De koningin was op dat moment Rudy Pevenage. De echte grote man was Bernard Hinault, die al drie etappes gewonnen had.

1. Bisous
In St. Python kwamen de renners langs
als een bemodderde zwerm bijen, samen-
geklonterd om de koningin. De brutaalsten
schreeuwden opdrachten rond. De hemel stond
naar regen. We applaudisseerden.

Op weg naar St. Quentin rustten ze uit.
Aten wat, praatten wat. Sommigen stapten
af om een achterwiel te inspecteren
of in de berm even te pissen en te dollen.

Bij de aankomst in Compiègne werd er door
vier of vijf man gesprint, de rest reed uit
en bleef daarna nog lang met lege ogen

in het publiek staan. In de verte werd
de winnaar op de mond gekust
door glimlachende meisjes.

2. Anges morts
Geen lang leven hebben de wielrenners.
al rijden ze als engelen door het land,
de pedalen als vleugels aan de voeten,

geen lang leven hebben de wielrenners.
Al rijden ze als de wind langs de wegen
(we klappen enthousiast wanneer we ze
voorbij zien flitsen en roepen hun nummer;
ze kijken om, lachen hun tanden bloot) -

aan het eind, aan de finish kussen hen
de meisjes met ijskoude lippen, met
de koude kersenlippen van de dood.

Met suizende banden

Parijs-Nice 1988 werd gewonnen door Sean Kelly, die ook de slotetappe op zijn naam bracht. Ronan Pensec werd tweede op 8 seconden.

In de Alpes Maritimes
steken windvlagen op van demarrages

en tegendemarrages, en ontladen
zich kortstondige buien van irritatie.

Maar dan breekt er een bleke zon door. Op
het asfalt tekent zich een koud gewemel

van schaduwen af. De eerste haarspeldbochten
openen zich. De remmen piepen, renners

gaan op pedalen staan en duiken schreeuwend
de steile piste af, naar waar beneden,

ver weg, ver weg, eeuwige lente heerst en
het bleekblauwe nirwana van de zee.

***

Met suizende bandjes, en derailleurs
die onheilspellend ratelen en klikken,

langs muren van mediterrane tuinen
vol wanstaltige vruchten, schaduw in,

schaduw uit, schaduw in, totdat ze over
de promenade stromen. Wandelaars,

leunend op stokken, kijken ongelovig
hoe ze de zee in waden, schreeuwend, dringend,

en met de fietsen hoog boven hun hoofden.

Klinkende munt

Tdf 2009, de slotrit

Tussen de dramaverslaafden
van het peloton stuurt hij
met één hand en hij plukt
verstrooid aan zijn neus.

Drama kan hij missen als kiespijn,
denkt hij, en van de zouteloze
grappen van de andere ploegen
verstaat hij geen woord.

Lance Armstrong.
Van het lawaaiige licht
van de ochtend tot de benauwdheid
van de middag, de hele dag,

tot het naspel, de avond, als hij,
voor klinkende munt, tussen de kisten
reserveonderdelen, officials
te woord staat en shit-journalisten.

Op de Izoard

TdF 2017, na een mislukte aanval in etappe 18

Voor de camera van NPO1:
El Pistolero groet Molléma.
Zijn pikzwarte glimlach flitst als vanouds.

Contador, voor de camera is hij
nog steeds bliksemsnel.

(Zo mooi: Molléma.
Met een kleine verschuiving van de klemtoon
tovert hij hem omhoog,

weg van het zweten en stampen,
weg van de regenachtige wegen
van Groningen, bemodderd na de oogst:

Molléma, een groot kampioen,
een onvergankelijke ster
aan het Spaanse firmament,

Bauke Molléma.)

Trente ans après

Dertig jaar later is Hinault nog steeds
beleefd neerbuigend tegen Nederlanders.

Beseffen ze wel dat hij ze in ‘80
een Tour cadeau gedaan heeft? Interviewers

lachen verlegen, weten het niet meer,
en bovendien ze zijn te zeer zijn fan,

ze zijn te zeer onder de indruk van
dat lef, die zware wenkbrauwen, dat Frans,

om onschuldige grootspraak en
opzettelijk bedrog te onderscheiden.

In werkelijkheid gaf Bernard Hinault in 1980 in de twaalfde etappe op met een knieblessure.

TdF 1950

Oudwielrennen. Grimmige mannen, on-
geschoren of met zware baardgroei:
op wankele fietsen klimmen
ze naar de toppen van hun Alpen.

Door plassen sturen ze, door modder, door
steenslag, onafzienbare velden. Stalen polsen,
de adem hoog en door en door bedorven,
de diepe schaduwen op de gezichten.

Zwartwit beelden. Ze zijn al lang gestorven.


De engel van het hooggebergte

1958

Donder en bliksem
in een prehistorisch
halfduister.

Terwijl het peloton
zich nog in striemende regenbuien
over naakte bergtoppen worstelt,

wrijft Charly Gaul
met een geleende handdoek
zijn natte haren droog.

Even later steekt hij
al weer een sigaretje op.

“Ja,” zegt hij in de microfoon
die hem wordt voorgehouden,
“ja, klasse apart.”
“Ja, allemaal dankzij de ploeg.”

Gaul won dat jaar de Ronde van Frankrijk, bijgestaan door een Nederlandse ploeg: Piet Damen, Pieter de Jongh, Jaap Kersten, Jef Lahaye, Wim van Est, Piet van Est, Gerrit Voorting en Martin van den Borgh. Misschien was alles doorgestoken kaart: werd Gaul in het geheim gesteund door Federico Bahamontes, die tot grote woede van de Nederlanders, in 1959 op zijn beurt mocht winnen.

woensdag 28 oktober 2026

Fluxus


Een tien voor Yoko

Een tien voor Yoko Ono, die haar hoed
goed vast hield in de storm op Martha’s Vineyard
en dapper lachte in de camera’s
die op haar waren gericht als honden.

En de regen striemde neer op ons gezicht.

Goeie Yoko! Je liedjes zijn vergeven
en vergeten, en alles wat je wel
met Lennon hebt gedaan, of niet, dat ook.

En op de schoolfeestdagen dragen we
de oor- en halssieraden die we kregen
uit jouw collectie. Rudolph Steiner was
niet te kieskeurig voor je bruine jas,

waarom zou ik dan van mijn levensdagen
ooit schromen om jouw broekpakken te dragen.

Andrella

de pruik is niet van zijn hoofd weg te slaan maar
boven zijn stropdas staat de ambtenarenmond
voor alles open: Andrella geniet

van alles wat maar leeft en beeft. Maar van
de nukken van een Yoko Ono heeft
hij niet terug. Die mix van Factory
en Rudolph Steiner luidt een nieuwe tijd

in waar in New York niet naar wordt gestreefd.

Beuys

Ook Joseph Beuys moet er niet veel van hebben.
Als ik hem tref op het station van Brühl,
luistert hij hoofdschuddend naar wat ik zeg,

terwijl hij in één hand de schroeven weegt
waarmee hij dadelijk de wereld legt.
“Alles is kunst, allicht,” gromt de sjamaan

van Düsseldorf, “elk mens is kunstenaar.
Maar deze vrouw? Ik weet het niet, maak haar
dan maar president van Amerika.”

Licht

“In Nederland,” zegt hij, “was ooit het licht
zoals het nergens anders voorkomt, maar
dat is door polderij verloren. Nu

is Nederland gewoon een evenknie
van onze regio.” Het licht is er,

zeg, Midden-Europees, het onbepaald
soort licht waarin je Duitse broden haalt.

Niet iets waar Yoko extra voor betaalt.

Van achter de schoorsteen

Geen groene pruik. De ochtend strijkt in vol
ornaat voorbij. Andrella, op het dak,

kijkt uit over een jungle van antennes
en schoorstenen die roken in de zon.

Yoko, op Martha's Vineyard, hield haar hoed
vast en lachte in de camera’s. Beneden

op straat lopen de jongens, hand in zak:
de nieuwe tijd is daar, die als altijd

de oude tijd is. Grijnzend rammelen
ze met een handvol muntjes voor de jukebox.

Ze gooien er twee in, voor Blue Suede Shoes
en Tutti Frutti, maar voordat die spelen,

zijn ze al weer verdwenen. Echt ze barsten
van energie en creativiteit.

Andy voelt het tot heel diep in zijn buik.
De ochtend strijkt voorbij. Geen groene pruik.

dinsdag 27 oktober 2026

Bambi Kino

Bambi Kino

De Beatles in Hamburg 1960

De Bambi Kino op de Reeperbahn,
waar ze geen seksfilms draaien maar alleen
maar gangsterfilm en westerns uit de fifties:

Ernest Borgnine en Montgomery Clift
zijn hier de mannen, en de bandleden
op hun britsen in een achterkamertje,
met veel teveel prellies achter hun kiezen,
en steeds die flarden van hun optreden
voor ogen, komen nauwelijks in slaap.

Later slenteren ze in het ochtendlicht
langs kroegen die nu dicht zijn en bordelen
waar hoertjes, slaperig en bleek en zonder
belangstelling voor sjofele Britse jongens,

hun luchtje staan te scheppen. ’s Avonds
om tien uur moeten ze weer op en dan
vier uur hun onbesuisde nummers schreeuwen.

Prellies: tabletten preludine, een amfetamine

De kauwtjes knoeien takjes op het pad

Savile Row, 1970

Vroeger wachtten ze bij het huis van Paul,
en als hij thuiskwam zwaaiden ze, hij kreeg
cadeautjes van ze, en zij soms van hem.

Koud licht en winderig, de hele dag.
De kauwtjes knoeien takjes op het pad.


En als hij er niet was, Paul, gingen ze
er soms stiekem naar binnen om er aan
dingen te voelen, aan dingen te ruiken.

Koud licht en winderig, de hele dag.
De kauwtjes knoeien takjes op het pad,
takjes van essen aan de overkant.


Nu staan ze op de stoep van Savile Row,
met buttons, met een tijdschrift, briefpapier
met als adres ‘Steps’, at 3 Savile Row.

Koud licht en winderig, de hele dag.
De kauwtjes knoeien takjes op het pad,
takjes van essen aan de overkant.


En soms roepen ze door de brievenbus.
‘Maffia’ roepen ze. ‘Maffia. Corrupt!’

Koud licht en winderig, de hele dag.
De kauwtjes knoeien takjes op het pad,
takjes van essen aan de overkant.
Ze knoeien takjes, het nest komt niet af.


Abbey Road

Er hangt een dierlijk geurtje om haar heen
als ze de studio inkomt, zelf lijkt
ze er niets van te merken, maar de neuzen
van technici en van artiesten krullen:

Yoko is uit op hoger honing, hangt
als lood aan Lennons arm en lacht verstrooid
tegen de nonchalante groeten waar-
mee de aanwezigen haar groeten.

Here comes the sun. Ze scheelt ontzettend door
de sluier van haar haar - zijn dat de eerste
grijze haren die daar verschijnen, of

is dat het licht? Heel erg Françoise Hardy,
maar toch ook anders, piekert Ringo, die
zelf meer van lagerbier houdt. Lennon lacht
zijn cynisch lachje, George kijkt alles aan.
Hij is vandaag niet uit het veld te slaan.

Maxwell’s Silver Hammer

Ting ting

Wanneer het ledikant de studio
binnenrijdt, klappen ze allemaal, en Yoko (die
twaalf hechtingen heeft, of misschien wel meer)
wordt er met veel egards geïnstalleerd.

Zij, onbewogen, test de microfoon,
en wacht tot ze beginnen. Bij take vijf
- ze staan met de moed der wanhoop te zingen -
klapt ze boos in haar handen en ze eist

op hoge toon meer tempowisselingen.

Eind juni 1969: “While holidaying in Scotland with Yoko Ono, her daughter Kyoko and his son Julian, John Lennon crashed his white British Leyland Austin Maxi car in Golspie in the Highlands. John was given 17 facial stitches, Ono 14 in her forehead, and Kyoko four.”

Love in vain

Robert Johnson, 1937

Ik liep achter haar aan naar de trein toe
met een koffer in mijn hand.
Ja, ik liep achter haar aan naar de trein toe
met een koffer in mijn hand.
Ow, hard gelag, zo’n hard gelag
als al je liefde is verknald!

Toen de trein kwam binnen rijden,
ik keek het meisje aan.
Ja, toen de trein kwam binnen rijden
en ik keek het meisje aan.
Ow, ik was zo naar, zo eenzaam,
en alle liefde was gedaan.

Toen trein begon te rijden,
werden er twee lichten klein.
Ja, toen de trein weer begon te rijden,
werden er twee achterlichten klein.
Ja, en het blauwe was mijn liefje
en het rode was van mij.

Al mijn liefde is verknald,
al mijn liefde is verknald.

Jumpin’Jack Flash

Mick Jagger / Keith Richards

Ik dook op midden in een oceaan
en ik krijste waar komt al dat natte vandaan.
Maar oké, oké, want het is een cadeau.
Maar oké, ik ben Jopie Jankt Zo.
Het is een cadeau.

Groeide op bij een kale, baardige heks,
ging naar school met rugzak vol seks.
Maar oké, oké, want het is een cadeau.
Maar oké, ik ben Jopie Jankt Zo.
Het is een cadeau.

Ik verzoop, spoelde aan, dacht: gegroet,
ik viel me te voet en zag overal bloed,
ik griezelde van ieder kruimeltje brood,
ja, ja, ja,
werd gekroond met een spijker dwars door mijn hoofd.
Maar oké, oké, want het is een cadeau.
Maar oké, ik ben Jopie Jankt Zo.
Het is een cadeau.

Ik ben Jopie Jankt Zo, een cadeau.
Ik ben Jopie Jankt Zo, een cadeau.
Ik ben Jopie Jankt Zo, een cadeau.
Ik ben Jopie Jankt Zo, een cadeau.
Jopie Jankt Zo.

Get back 2020

December 2020 Peter Jackson werkt aan een documentaire o ver de totstandkoming van het Beatles album Let it Be

Ringo en Paul glimlachen of ze in
een spotje figureren voor marmite,
vol vitamine-e maar lekker vies.

Wat George betreft, die glimlacht ook, maar is
zoals altijd wat teruggetrokken. John
die spéélt dat hij op zijn gemak is, maar
hij houdt intussen de Japanse slang
die zwijgend in de hoek zit in het oog.

Dankjewel, dank je, Peter Jackson, dit
is beeldmateriaal waar een verhaal
inzit waarmee je Tolkien naar de kroon
kunt steken: meer dan 56 uur

beelden van de Nieuw-Zeelandse natuur,
bevolkt door stervende kabouters, die
‘Get back’ playbacken in close harmony!



maandag 26 oktober 2026

Een middag met Madonna


Gebed tot Onze-Lieve-Vrouw

Voor Madonna Louise Veronica Ciccone

Iedere keihard geblondeerde krul
verwijst naar U, en U begrijpt dat en
aanvaardt het als geschenk. Aanvaard dan ook

de zwaar geschminkte lippen en de hoop
dat alles aan het eind toch goed zal komen
die zij voortdurend uiten: Cupido

heeft haar zijn boog geschonken, niet
als werktuig van de vleselijke liefde,
maar slechts om pijlen op Uw hart te schieten.


Prayer for Madonna

Her every curl is mercilessly bleached,
Indicative of You; You understand,
And You accept it as a gift. So do

Accept also the painted lips, accept
Also the hope they tell that in the end
All will be well: Cupid has granted her

His bow, not as a tool of carnal Art,
But only to shoot arrows at Your heart.


Te vaak

Een middag met Madonna

Niet de mythologie is van belang,
alleen de mythe. Op haar wang heeft zich
een piepklein onweersvliegje neergezet
dat de aandacht vestigt op de dunne film

van zweet die zich als dauw gevormd heeft op
haar huid. Ze praat keihard en dringend in
op haar gevolg, precies zoals ze dat
van haar gewend zijn en als er iets niet

naar wens verloopt, spuiten haar ogen vuur.
Maar door het zweet dat zich, terwijl de donder
in de verte zijn opmars voorbereidt,
op haar donzige huid manifesteert,

dat onweersvliegje, is iedereen die zich
die dag in haar aanwezigheid bevindt,
zich plotseling onmatig scherp bewust
van wat de dood moet zijn. Ze denken aan

schmink, lege colaflesjes, urenlang
lusteloos hangen in een stoel, gepraat
over niets, en gelach, en veel te vaak,
veel te vaak hebben ze elkaar gekust.

Goden

Goden 1. Poseidon slaat geërgerd met zijn staart op het water. Gladde godinnen dansen in steeds wijdere kringen om hem heen. 2. En Hera,...